Soms kan ik best wel ongeduldig zijn tijdens een gesprek. Dan zit ik op het puntje van mijn stoel om de ander te onderbreken. En denk van de ander: ‘Ja dat weet ik nou wel, schiet nou eens op’. Of denk ik van mezelf: ‘Hou nou even je mond. Laat haar/hem nou even uitpraten’.

Een hardnekkig weeffoutje, vaak ook in de categorie ‘Oh verdikkeme, ik doe het weer’.

Er zijn heel wat cursussen, opleidingen, instellingen, instituten, leraren, coaches en therapeuten die je graag willen opleiden tot een goede luisteraar.

Een daarvan trof ik aan onder de illustere naam Internationaal Listening Association, de ILA. The most basic of human needs is the need to understand and be understood. The best way to understand people is to listen to them, is het mission statement van the father of listening Ralph G. Nichols. Eerst de ander begrijpen, dan begrepen worden.

Dat smaakte naar meer. Wat me trof was een zeer doeltreffend rijtje met irritant luistergedrag, een mooie checklist om jezelf te betrappen:

o  De spreker onderbreken

o  De spreker niet aankijken

o  De spreker opjagen en hem het gevoel geven dat hij jouw tijd verdoet

o  Andere interesse tonen dan in het gesprek

o  De zinnen van de spreker afmaken

o  Niet reageren op de vragen van de spreker

o  ‘Ja maar…’ zeggen

o  ‘Dat doet me denken aan…’

o  ‘Dat is nog helemaal niets vergeleken bij…’

o  Vergeten wat er eerder gezegd is

o  Te veel vragen stellen

o  Te veel op details ingaan

o  ‘Oh, dát is interessant’

o  De spreker bekritiseren

o  Alleen maar naar de feiten luisteren

o  Doen alsof jouw aandacht bij het gesprek is

Een pittig lijstje, toch?!

In Listening is a 10 part skill geeft Ralph Nicols in minder dan 15 pagina’s inzicht hoe je je luisteren kunt verbeteren.

Eveneens kort en krachtig legt Manu Keirse in Bestaat er een medicijn tegen verdriet? uit welke vier, niet geringe, taken er moeten worden verricht bij rouwarbeid. En ja, er bestaat een medicijn bij verlies en verdriet: luisteren!

Iedereen heeft zijn eigen verdriet. Elkaar daarin steunen vergt soms ook wat arbeid van de luisteraar. Maar dan heb je ook wat!

Amsterdam, 4 februari 2020

Zwaaien naar tante Trees,

Jeanne, Bernard, Engelien, Willy, Ria, Ad, Annie, Trees en Wim.Alle negen ooms en tantes van mijn vaders kant op rij op leeftijd. Van de hele rits is Bernard (mijn vader) als eerste overleden. Tante Trees is de laatste die nog leeft, 94 jaar oud. Bij elkaar opgeteld zijn deze negen goed voor zo’n zes tot zeven eeuwen aan levensjaren.

Er is een foto waar ze alle negen als jonge kinderen op leeftijd van groot naar klein op een rijtje zijn gezet. Later in de negentiger jaren, ter gelegenheid van een reünie met ome Ad uit Canada, is de foto nog een keer gemaakt.

Ooms en tantes, neven en nichten waren altijd dichtbij, op verjaardagen, op vakantie of zomaar bij  onderlinge bezoekjes.

Hoe waren de broers en zussen Winterink vroeger met elkaar in het grote huis in hartje Doesburg? Hielpen ze elkaar? Zaten ze elkaar in de haren? Vertrouwden ze elkaar? Aten ze ’s avonds allemaal met elkaar aan één tafel, wie moesten de afwas doen? Droegen de jonkies de kleren en schoenen van de oudere kinderen?

Ik stel me voor hoe ze geleidelijk aan hun partners vonden en hun weg zochten na de oorlog. De mannen verdienden de kost en de moeders baarden en moederden. Elke zondag gingen ze naar de kerk. Ze brachten hun kinderen groot, zochten scholen uit en knoopten de eindjes aan elkaar. Ze maakten lol als ze bij elkaar waren. Huizen werden gekocht en ze legden geld apart voor later. Ze zagen vriendjes en vriendinnetjes mee naar huis komen; ze waren moe en hielden vol…..alle negen.

En tante Trees, de laatste, zit nu aan tafel op haar kamertje in het verzorgingshuis in Oss. Uitkijkend vanuit haar appartementje over het pleintje voor het huis. Haar zoon komt elke dag langs, verder geen bezoek.

Op een klein scherm op tafel een carrousel met beelden van haar kinderen en kleinkinderen, met updates via internet. Ze leest haar krantje uit en te na met het plaatselijke en regionale nieuws. Drinkt haar koffietje, rommelt en ruimt op. Ze maakt zich zorgen over haar kinderen, heel ver weg en dichtbij.

Ach, Karel, ik heb een mooi leven gehad. Jammer dat Kees zo vroeg overleden is.

Ik heb veel vrienden gehad. De kinderen hebben het goed gedaan.

Ik heb mijn leven geleefd. Ik wacht af wat me overkomt.

Ik ben niet meer religieus, maar heb altijd een bijzondere band gehad met Maria.

Dingen hebben niet meer zoveel woorden nodig

Ik was een keer met tante Willie op een boottocht op zee. Ik was afgezonderd in de natuur en onder de indruk van het grootse en weidse. Er was iets. Ik voelde een goddelijke hand in alles.

Amsterdam, 5 april 2020

 

STILTESTRATEGIEËN

Soms zitten we tegenover elkaar  en valt het stil. Dan flitsten gedachten: Oh jee, nu hebben we niets meer tegen elkaar te zeggen; Hoe houd ik het gesprek op gang? Ik stel een vraag over de kinderen. We kijken elkaar aan, ik zie alle details in haar gezicht. Heeft zij nu ook zulke dramatische ideeën? Wat gebeurt er als we niets zeggen? Hebben andere mensen dit ook?

 

Met andere mensen heb ik nooit  echt last van de stilte. Je bent samen aan het werk en hebt iets uit te wisselen. Je bent aan het vergaderen met een agenda (!). Je drinkt koffie en je hebt elkaar al lang niet meer gezien. Samen sporten vind ik een heerlijke combi van actie en kletsen. Je volgt een cursus en doet wat je wordt opgedragen. Makkelijk zat!

 

Maar in sommige gevallen (thuis met elkaar, een toevallige ontmoeting met iemand waar geen click mee is; een gesprek dat net iets te lang doorloopt) kan het stil vallen wel eens een probleem zijn.

 

In sociale context zijn we goed opgevoed, getraind en gedrild om de stilte te ondervangen.

Deze week loop ik tegen twee ‘stiltestrategieën’ op. Eén uit De pianiste van Elfriede Jellinek en de ander in de film Lucky van John Carroll Lynch. Beide van harte aanbevolen.

Erika wil geen stilte laten ontstaan en zegt iets alledaags, citeert Arnon Grunberg in de VPRO Gids uit het boek van Jellinek. En hij voegt daar aan toe: Het meeste wat wij zeggen is bedoeld om geen stiltes te laten ontstaan. Vooral de stilte vrezen wij.

 

Eerder deze week werd ik blij van het weerzien met Lucky (gespeeld door Harry Dean Stanton in zijn laatste glorieuze rol). Lucky zit aan de koffie met zijn woordpuzzel in een Amerikaanse diner ergens in een woestijnstadje en zegt tegen een onhandige gast: Er is maar één ding erger dan pijnlijke stiltes. Prietpraat.

 

Een heel andere benadering is die van Nan Shepherd, mijn literaire heldin van dit moment!

De levende berg schreef zij aan het eind van de Tweede Wereldoorlog, na een half leven wandelen in de Cairngorm Mountains in Schotland, één van mijn favoriete plekken op aarde. Haar boek van slechts 130 bladzijden is zeer actueel en indrukwekkend door de combinatie van bergen, zintuigen, elementen, geschiedenis en persoonlijke en alledaagse spiritualiteit.

Zij noteert: Ik mag lichaam en geest dan getraind hebben in verstilling, ik moet ze ook trainen om actief te zijn. Zintuigen moet je gebruiken. Voor het oor is het meest essentiële dat hier [in de bergen]  te beluisteren valt de stilte. Je oor lenen aan de stilte doet beseffen hoe zelden die er is.

 

Met alle drie de strategieën kan ik goed uit de voeten. En jij?

Onder aan de rotswand

….het dunne touw aan de gordel, knellende schoentjes

….eerste haak ver boven de grond, diep inademen

….eerste stap, reikend naar de haak

….waar ben ik aan begonnen?

….stapje voor stapje, warme zon op de rug

….kleine comfortabele richeltjes voor mijn voeten, gladde rots

….dorst, slikken, zon, ademen

….onderarmen verzuren, klimmerszweet, aanmoediging van beneden

….de moeilijkste stappen moeten nog komen, onder het dak inhaken

….op adem komen, rusten, armen losschudden

….de rots boven me aftastend met een hand, beet!

….andere hand hoger zetten, ene voet los, naast de hand op de rand

….afzetten, doorpakken, grote bakken, ik sta op het balkon, veilig!

….alleen aan de wand, omkijkend met de rug tegen de rots, gelukt!

Geen vooruitzicht om dit voorjaar ergens in Zuid-Europa in T-shirt aan de rots te hangen. De fysieke en mentale uitdaging om een moeilijke route klimmen is er niet. We worden weggehouden van de rotsen. Wil Moeder Aarde ons nu niet?

Rotsklimmen is één-op-één, de rots en jij. Voor de eerste stap is gezet, moet er eerst toestemming worden gevraagd: is het okay als ik hier omhoog ga? Als ik mijn handen aan het begin van de dag op de rots leg, dan stroomt het door me heen.

Nan Shepherd schrijft daarover in De levende berg: En daar lig ik dan, op het plateau, met onder mij de kern van vuur die deze grommende, knarsende massa van plutonisch gesteente heeft opgestuwd, met boven mij de blauwe lucht, en tussen het vuur van steen en het vuur van de zon is er gruis, aarde en water, mos, gras, bloem en boom, insect, dier en vogel, regen, wind en sneeuw – de totale berg.

Aan de rots is het is hard tegenover zacht. Het is rots tegen spieren, duidelijk wie er moet incasseren als er iets mis gaat. Het statige en ongenaakbare en mijn persoontje. Bij de miljoenen jaren oude rots voel ik me nederig. Keert de rots zich van me af of ben ik welkom?

Aan de rots is het hard werken, vloeken, zweten, schmieren, smeken, schuren, (wan)hopen, angst, dorst, vertrouwen, genieten, pure concentratie, blijheid, stalen spieren, verwondering, een glimlach, dankbaarheid, pijn, glorie, mislukking en opnieuw beginnen.

En nu doen mijn vingers pijn. Mijn vingertoppen zijn weer kantoorzacht.

De pezen, botjes, spieren, gewrichten, knobbels krijgen zeeën van tijd om te ontspannen en te herstellen. De vingers snappen nog niet helemaal wat er aan de hand is. Er wordt niet meer aan ze getrokken, gedraaid, gestoten. Ze worden niet meer extreem aangesproken. Ik voel steken, het kriebelt. Mijn vingers zijn hard aan het werk tijdens hun vakantie. Mijn handen jeuken.

 

Lummelen, rommelen, klussen, niksen

Nu mijn wereld fysiek kleiner wordt, denk ik aan mijn vader. Een klein In Memoriam.

Mijn vader en moeder trokken zich, na hun werkzame leven terug op de boerderij aan de IJsseldijk net buiten Doesburg, ons geboortestadje.

Mijn vader bracht zijn hele leven door aan stromend water. Hij was geen reiziger, het liefst was hij thuus rond het huus.

Zijn praktische routines op zijn erf en in huis, dag-in-dag-uit samen met mijn moeder, met de woonkeuken (uitkijkend op de grote tuin en de weilanden) als de zetel waarvan uit zijn domein werd bestierd:

....rondjes door de tuin, instapslippers en oud windjack aanschietend in de bijkeuken

….honden en schapen voeren

….krant en post uit de brievenbus bij de oprit halen

….’s ochtends door het keukenraam mimend ‘koffie klaar?’

….een wandelingetje op de dijk, hand opstekend naar de buren en voorbijgangers

….de laatste verwelkte knoppen uit de planten en struiken plukken

….stukje pad schoonvegen

….klusjes in de schuur

….tuingereedschap onder het afdakje zetten

….tuinstoelen inklappen tegen de regen en wind

….tuinsproeier uitzetten

….hekjes van de afrastering controleren

…..honden laten uitrennen in de wei

….nog even op het bankje zitten, de zon dalend achter de dijk

….naar binnen voor het avondeten  ‘dat was heerlijk, Hetty’

en voor het slapen gaan:

….alle deuren op de knip

….verwarming uit, oliekacheltje afsluiten

….tv uitzetten

….alle lichten uit ‘we gaan slapen’

zijn voetstappen op de trap naar boven.

Afbeelding: uitzicht op de Fraterwaard vanaf de IJsseldijk langs de Grietstraat.

Amsterdam, 31 maart 2020

 

Onze moeder woonde al jaren in een verpleeghuis, en was uiteindelijk zwaar dement.

Haar dood kwam onverwacht. 

Ineens kregen we, hoewel er geen enkele aanleiding leek te zijn, een telefoontje dat ze ten gevolge van een zware maagbloeding waarschijnlijk op heel korte termijn zou overlijden. Dat was een uur later al het geval. 

Hoewel we het er als kinderen al vaker over hadden gehad, overviel haar dood ons dus toch.

In het verpleeghuis werd ons door de vriendelijke verzorg(st)ers al een uitvaartondernemer voor-gesteld. Gelukkig besloten wij Karel in te schakelen. 

Hij nam de tijd en we hebben de hele dag met elkaar rondom het bed van onze overleden moeder gezeten en overlegd wat we zouden gaan doen - een gedenkwaardige dag- ondertussen deed Karel de nodige telefoontjes en was voor ons een vraagbaak. We hebben dankbaar gebruik gemaakt van zijn expertise.

Een hele mooie uitvaart is het geworden, bijzonder, persoonlijk, rustig… Karel heeft ons erg geholpen, door daar te zijn waar nodig was, een helpende hand voor iemand die moeilijk ter been is, gasten opvangen als je zelf dat even niet kan, op de achtergrond, maar toch aanwezig. Samen met ons heeft Karel deze dag heel mooi vorm gegeven.

Lieve Karel, dank daarvoor, voor je hulp bij het tot stand brengen van deze voor ons zo memorabele dag.

Victor Onstein

 

In februari 2019 overleed onze moeder. Omdat wij dat al zagen aankomen, hadden wij al tevoren contact opgenomen met Karel. Wij hebben toen met hem onze wensen besproken, waarbij hij goede suggesties deed. Toen het zover was, was een smsje voldoende om het draaiboek in werking te zetten.

Karel kwam na een paar uur, om ons als familie even de gelegenheid te geven bij elkaar te zijn. Hij voegde zich bij ons op een manier die vertrouwen en rust gaf en op de juiste momenten nam hij de leiding. Karel nam alle praktische en administratieve zorgen van ons over, zodat wij ons konden concentreren op het condoleancebezoek en het afscheid zelf. Alles is gegaan zoals wij ons dat hadden voorgesteld. De professionele maar toch ook persoonlijke werkwijze van Karel heeft daaraan een belangrijke bijdrage geleverd.

Familie Witteman

Op veel te jonge leeftijd is onze zus Roos overleden na een val van haar paard.

Een wel zeer onverwachte als zeer ongebruikelijke afloop van een leven vol plezier.

Met één harde klap stond het leven stil. 

Van de één op de andere dag een begrafenis regelen? Perplex als we stonden belden we Karel. Karel help!

In alle rust  legde Karel uit hoe alles zou lopen de volgende dagen. Overlijden in een ziekenhuis en wat daarna. Het regelen van een begrafenis. En vooral de manier waarop de dag van de uitvaart zou kunnen verlopen.

In trance,  ontspanning en ook vol emotie bereidde Karel ons, vriendinnen, vrienden en familie voor op een van de meest trieste dagen uit ons leven.

Hier kwam de spirituele kracht van Karel naar boven. Het out of de box denken, hoe zou Roos dit gewild hebben en wat vinden vóóral wij als nabestaanden fijn? Een begrafenis waarvan de ouderen zeiden: “maar dit klopt toch niet?”. En waar wij als familie trots waren op de “verkeerde  volgorde” van het ritueel. Exact zoals Roos was. Lekker ongecompliceerd en een beetje chaos.

Met als resultaat een prachtige laatste afscheid van onze lieve Roosje. De triestheid van het gebeuren voor eenieder en voor ons als familie, en de schoonheid van de dag, zal voor immer als een van de meest bijzondere dagen in ons geheugen achter blijven

Karel, dank voor de inspiratie, dank voor het verdriet, dank voor het spirituele en de intense rust, en bovenal dank voor het perfect regelen van de allerlaatste groet van ons aan ons lieve zusje Roos.

Anne en Jeroen Winterink

De dag van Rosa’s begrafenis was “haar” mooiste dag na haar te korte leven. Ze orkestreerde het zelf voor al haar geliefden, maar zonder Karel was dat niet mogelijk geweest. 

Op een zekere middag maakte Karel met haar een wandeling langs de door haar gekozen plekken en ze troffen daar, niet geheel toevallig, de juiste mensen om alles voor “haar dag” te regelen: de koster, de grafdelvers en oom Piet van de kantine van tuinpark ‘Rust en Vreugd’. 

Toen we haar dezelfde avond troffen was ze zo blij als een kind. 

Zoals ze zelf de regie tijdens haar uitputtende ziekteproces wist te houden, slaagde ze er ook eigenhandig in voor al haar naasten haar afscheid onvergetelijk mooi te maken. 

Natuurlijk vergt zoiets nog de afhandeling van vele kleine vervelende technische details. Karel heeft het allemaal met ons doorgenomen en voor Rosa tot in de puntjes geregeld. Tijdens de begrafenis en de dagen ervoor schaarde Karel zich in ons midden en nam geruisloos de leiding waar het moest. Rosa’s laatste wens ging in vervulling.

Jan Jaspers en Sandra van Elewout

 

Op een intiem en essentieel moment in je leven, komt het erop aan wie je ontmoet en begeleidt bij het overlijden van een geliefde.

Karel maakt met zijn betrokkenheid, intentie, oprechtheid en verbinding het verschil. We zijn dankbaar voor het leven van deze echtheid.

Francien Kleemans & Herman van der Knaap